Taskforce Kindermishandeling en seksueel misbruik pleit voor meldplicht | Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik

U bent hier:Home > Taskforce Kindermishandeling en seksueel misbruik pleit voor meldplicht

Taskforce Kindermishandeling en seksueel misbruik pleit voor meldplicht

Gepubliceerd op 22-09-2015

Alle mishandelde kinderen moeten op de radar komen van Veilig Thuis.

Te veel mishandelde kinderen komen niet in het vizier van Veilig Thuis, het regionale advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling. De Taskforce vindt dat hier nu iets aan moet worden gedaan. Zij pleit daarom onder meer voor het verbeteren van de meldcode. De gewenste aanpassing heeft betrekking op stap 5 van de meldcode; de invoering van een meldplicht als kindermishandeling niet kan worden uitgesloten.

De meldcode is een vijfstappenplan waarin staat wat professionals – zoals huisartsen, leerkrachten en medewerkers van jeugdzorginstellingen – kunnen doen als zij bij signalen van zorg kindermishandeling niet kunnen uitsluiten. Professionals zijn verplicht de meldcode uit te voeren. De Taskforce vindt de meldcode een krachtig instrument, maar het heeft er tot op heden nog niet toe geleid dat mishandelde kinderen voldoende in beeld komen bij Veilig Thuis. De Taskforce pleit daarom voor aanpassing van de meldcode.

Meldplicht
Bij stap 5 in de meldcode pleit de Taskforce voor de invoering van een meldplicht wanneer kindermishandeling niet kan worden uitgesloten. In stap vijf van de meldcode heeft de professional nu een keuze: zelf hulp bieden, hulp voor het mishandelde kind organiseren of zijn vermoeden melden bij Veilig Thuis, waarna Veilig Thuis onderzoek doet. De Taskforce adviseert om de professional hierin geen keuze meer te laten. Wanneer blijkt dat, na het doorlopen van de eerste vier stappen van de meldcode, kindermishandeling niet kan worden uitgesloten moet de professional altijd melden bij Veilig Thuis. Na de melding bepaalt Veilig Thuis dan samen met de melder of nader onderzoek door Veilig Thuis moet plaatsvinden, of dat vrijwillige hulpverlening mogelijk is en voldoende garantie biedt voor (langdurige) veiligheid.

In deze vorm heeft een meldplicht meerdere voordelen. Het zorgt ervoor dat de gegevens van een kind - waar verschillende professionals zich zorgen over maken - aan elkaar kunnen worden gekoppeld zodat er eerder kan worden ingegrepen. Het leidt er ook toe dat professionals geen
lastige afweging meer hoeven te maken om al dan niet te melden. Als na het doorlopen van de meldcode blijkt dat kindermishandeling niet kan worden uitgesloten, moet je immers melden. Nu ervaren professionals vaak dilemma’s bij het melden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de angst om ouders vals te beschuldigen of het vertrouwen van het kind te verliezen. Met een meldplicht in stap 5 valt deze keuzevrijheid dus weg.

De invoering van een meldplicht laat overigens onverlet dat er stevig en structureel moet worden ingezet op het correct toepassen van de meldcode.

Registratie bij adviesvragen door burgers
De Taskforce wil dat meer mishandelde kinderen op de radar komen van Veilig Thuis. Naast het aanpassen van de meldcode, ziet de Taskforce nog een mogelijkheid om dit te realiseren. Deze richt zich op de adviesvragen die burgers doen bij Veilig Thuis. De Taskforce wil de gegevens van het kind bij adviesaanvragen van burgers laten registreren wanneer blijkt dat kindermishandeling niet kan worden uitgesloten. Dit biedt Veilig Thuis de mogelijkheid adviesvragen van verschillende burgers over hetzelfde kind aan elkaar te koppelen en indien noodzakelijk in te grijpen. Iets wat in de huidige situatie niet mogelijk is.

Professionals blijven de mogelijkheid houden anoniem advies in te winnen. Zij zijn immers verplicht de stappen van de meldcode te volgen. Als tijdens het doorlopen van de meldcode blijkt dat kindermishandeling niet valt uit te sluiten, is er voor de professionals maar één mogelijkheid: een melding doen bij Veilig Thuis.

In gesprek
De Taskforce heeft haar analyse en adviezen inmiddels gedeeld met de bewindslieden van V&J, VWS en OCW. In dat gesprek heeft staatssecretaris Van Rijn aangegeven de bevindingen van de Taskforce verder te onderzoeken – bijvoorbeeld op juridische consequenties - en hier half oktober op terug te komen.

Op dinsdag 22 september is er een brief aangeboden aan de Vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 

Hier vindt u de meest gestelde vragen over het advies van de Taskforce Kindermishandeling en seksueel misbruik.